1 apr 2010
sitemap
nieuws
voorjaarsbijeenkomst

Menselijke maat in de publieke zaak

Op 1 april organiseerde Futura de jaarlijkse voorjaarsbijeenkomst. Onze gastspreker was Wim van de Donk (commissaris van de koningin van Brabant) :

De uitdaging voor woningcorporaties in woelige tijden
 Woningcorporaties functioneren anno 2010 als maatschappelijke ondernemingen in een complex veld met vele actoren. Ze staan voor stevige keuzes. Gaan zij verder “vermarkten” of kiezen ze voor een alternatief dat dichter bij hun wortels ligt?
Om een impressie van de middag te krijgen, kunt u hieronder de column lezen van Ton de Jong (hoofd opinie) verschenen in het Brabants dagblad van 2 april 2010. Ook Aedes heeft de bijeenkomst verslagen.

Column Ton de Jong:

Kleine democratietjes

Het moment is perfect: De Brabantse commissaris van de koningin uitnodigen op de dag dat Nederland overspoeld wordt met saneringsvoorstellen. De plaats leent zich voor diepgang: de kapel van een tot cultureel centrum verbouwd fraterklooster in Goirle. Het gezelschap is niet sexy maar wel belangwekkend voor de Brabantse samenleving: ambitieuze bestuurders van woningcorporaties die zichzelf een spiegel willen voorhouden. Wim van de Donk zegt in drie kwartier evenveel als zijn voorgangster in zes jaar. Het werd tijd dat weer eens iemand met deze intelligentie, spreekvaardigheid, wijsheid en ervaring zich inzet voor de publieke zaak. Zijn verhaal gaat over de muren waar we tegenaan lopen en over de weg uit het moeras. Woningcorporaties zijn daarbij wellicht niet het spannendste maar wel het meest illustratieve voorbeeld: ze zijn van kleine verenigingen die ten dienste stonden van de huurders, uitgegroeid tot technocratische bedrijven met businessmodellen die hun huurders ‘klanten’ zijn gaan noemen. „Verwaaid door de schaalvergroting”, zegt Van de Donk. „ Sommigen van u hebben daar meer aan meegedaan dan mij lief is.” Vooral degenen, voegt hij er vilein aan toe, die salarissen en bonussen zijn gaan verdienen die niet meer zijn uit te leggen.

Klanten willen hun behoefte onmiddellijk bevredigd zien, huurders willen ook over vijf jaar goed wonen in een buurt waar ze het naar hun zin hebben. Van de Donk is er volstrekt helder in: woningcorporaties zijn geen marktpartijen maar maatschappelijke organisaties die zich moet verbinden met de mensen waar ze het allemaal voor doen. „ Hun wortels hervinden.”

Hoe doe je dat? Om te beginnen door als organisatie een duidelijke opvatting te hebben, want anders kun je net zo goed een dor overheidsloket worden. Geen Raden van Toezicht instellen, maar Raden van Inzicht en Raden van Betrokkenheid. De huismeester terug als de oren en ogen van de corporatie, dus het beheer niet afstaan aan particuliere klusjesbedrijven. En: bewoners zijn niet gek, luister naar hen.

Van Den Haag moeten we het de komende jaren niet hebben. Zeker niet van de publieke euro’s. Alles wordt door de bril van de overheidsbegroting bekeken. „Er waart een spook door Den Haag.
Ze willen laten zien dat ze krachtdadige besluiten kunnen nemen. Dat leidt tot lomp bestuurlijk gedrag, terwijl het over de inhoud zou moeten gaan. Sociaal rendement en maatschappelijke opbrengst moeten óók meetellen.
 
Dé grote vraag van de komende maanden is of wij ons in Nederland in een post-liberale technocratie storten of iets anders kunnen bedenken. De menselijke maat in de publieke zaak.” Hoe breng je de band tussen overheid en burgers terug in de democratie, vraagt iemand uit de zaal. Nee, Van de Donk is er geen voorstander van om alles en iedereen rechtstreeks door de burger te laten kiezen. „Dat is tricky, want te afhankelijk van het gegil in de media. Laten we de samenleving opbouwen met kleine democratietjes rondom wonen, onderwijs, zorg. In Brabant is op dit vlak lang niet alles verloren gegaan. Hier ligt de sleutel tot herstel.”